Vous êtes ici: Jean-Marie Boomputte >> Qui est-il ? >> Articles de presse >> « Nieuwe schilderijen van de bon-vivant »
« Nieuwe schilderijen van de bon-vivant »
Waaruit bestaat het hoofdkenmerk, het wezen van de bon-vivant ? In de praktijk van het goede leven, van het lekkere eten, van het goede drinken, van de lust voor de lust en de liefde, voor ‘Wein, Weib und Gesang’ ?

Ja en nee. Want in het land van de begeerte en het genot is het altijd een zekere kunst om een genot te delen en in te delen, om het genot door reflectie nog meer genietbaar en meer genietvol te maken. Wie zich niet beheerst, kan ook niet smullen, wie niet door de woestijn van het tekort en de nood is getrokken, kan de oase met haar palmbomen en dadels geen plezier verschaffen en wie bij het weerzien met de overvloed niet aan de rots van de soberheid gekluisterd is, zal weldra geslagen worden met onpasselijkheid en ziekte.

De kunst van het genieten is een bijzondere kunst. Het veelvoud van begeertes temmen, niet door ze te onderdrukken maar door ze apart, elk voor zich, te onderzoeken, te verkennen. Experimenteren met hun oorzaken en gevolgen, hun specificaties en eigenaardigheden, om ze zorgvuldig te classificeren in een vademecum en brevier van geneugtes en plezier, afleidingen net zoals ze 24 u per dag iemand een heel leven lang omgeven en overwinnen. Als daar nog niet de vreugden van de plicht waren die ons bij het uitleven van de neigingen te onpas beletten en beperken.

Er bestaat een plicht om de neiging in zijn complexiteit en veelvoud uit te testen, om een systeem van de bevrediging der lusten op te stellen, voor het eigen of eventueel tweevoudig of collectief gebruik. Dit systeem is overigens voor echte kenners en experten van strenge, consequente orde; en iedere nalatigheid bij zijn ‘excursie’ wordt bitter betaald met het inboeten van ervaring, geluk en avontuur.

Vandaar dat de bon-vivant een volledig andere verhouding heeft tot de kardinaaldeugd van de matiging en het matigen dan de moraalridder of het toonbeeld van deugd.

Voor die bestaat matiging vooral en louter uiterlijk in de onderdrukking van de begeertes, in de beslissing tussen verbod en toelating na vermeende morele, sociale of prestatie-esthetische visies. Het wordt uit- of omgebouwd tot een goed werkende machine ten dienste van een puriteinse maatschappij, de huidige westerse plezier- en mediasamenleving met haar audiovisueel gecontroleerde vijandigheid ten opzichte van de lust.

De mateloosheid geldt vooral als breuk van de passie met deugd en moraal, als dusdanig moet het meedogenloos worden vervolgd.

De bon-vivant daarentegen voelt zijn eigen lichaam aan en ervaart het als een religie die het ontdekken waard is, ver van goed en kwaad, als een landschap van verschillende en tegengestelde driften en aansporingen.

Hij is moedig genoeg om zich te stellen tegen de uitdaging van deze begeertes en om ze in alle dimensies en proporties, met lichaam en ziel te onderzoeken en uit te leven. Dit tot hij de wirwar uit emoties en ijver, stille neiging en uitgesproken verslaving, verleiding en brandend verlangen, stille verleiding en slavernij, passie en bezetenheid, honger en eetlust, begeerte en gebondenheid, bevrediging en genoegen, afkeer en tegenzin heeft ontward, doorzien en doorleefd.

Het is mogelijk dat het scala van de bon-vivant, van de ‘gourmand’ tot de ‘gourmet’, volstaat in alle lusten en disciplines van de levensvreugde. Voor de ene is het allerheiligste de pure algemene overvloed, voor de andere is het de bijzondere delicatesse voor hart, geest, hand en voet.

Zoals mannelijke en vrouwelijke pausen in het conclaaf met hun eigen aantrekkelijkheid pronken, zo zitten ze daar, de bon-vivants met de ‘vollemaansgezichten’ op de nieuwe schilderijen van Jean-Marie Boomputte.

Ze houden een profane mis, om zich te wijden aan de cultus van de ontaarde lijflijkheid van hun lichamen. Daarbij leggen ze een beschaafdheid aan de dag dat wordt bepaald door de strenge compositie van de kleding en de flamboyante kleuren, door het spreekwoordelijke Rouge et Noir van het speelse levensgeluk.

Aristoteles heeft het ronde lichaam, de bol volledig gedefinieerd als de perfecte vorm in de ruimte en in het universum geproclameerd tot een in zichzelf geschoven kogellager van zon, maan, planeten en sterren.

Door de huidige media- en prestatiegerichte maatschappij is uitgerekend het dikke, de bekoorlijkheid van het ronde, de gratie van de corpulentie, de elegantie van het struise en de uitstraling van het vleeselijke in het defensief geraakt van een waanzinnig programma van de jeugd. Dit kan alleen gezien worden als een bewijs van een nieuwe levensvijandigheid door de nieuwe terreur van lichamen die aan anorexia lijden. Het uitgehongerde, naakte lichaam dat beroofd is van zijn begeertes en verlangens mag in het systeem van de gekalibreerde prestaties en de toekomstige bio-design geen eigen, onberekenbare emotie, geen begeerte, geen passie meer toelaten. Het lichaam is in al zijn ledematen een marionet van de lege mediale bio-politieke volmaaktheid.

De bon-vivants van Jean-Marie Boomputte daarentegen zijn uitstralingskrachtige kogelvormige wezens, van wie de hals geen groter verschil vertoont tussen hoofd en lichaam.

Het zijn sferoïden bij wie het lichaam tot aan het hoofd is gestegen en die – zoals de ballerina – overkop duiken in hun eigen lichaam, omdat ze zich altijd door alle vijf de zintuigen opnieuw laten aansporen tot de leidraad van hun eigen lichamelijkheid.

Hun schalkse oogopslag met getuite mondjes, hun uit het struise, met bolle wangen, naar buiten loerende wezen toont de omgeving uit het diepste eigen binnenste : als menukaart van verder vertier en plezier.

Deze dikke bon-vivants, met evenwel fijngevoelige extremiteiten, hebben hun les geleerd. Door hun bourgeoisgedrag, door hun ceremonieel houden ze niet alleen zichzelf en hun honden in toom, maar houden ze ook de sleutel voor het beëindigde gerecht in de hand, het recept voor het bereiden van de maaltijd voor de gasten. Als geschoolde egoïsten vieren ze het symposium – uit liefde voor zichzelf en, boven het eigen plezier uit, ook voor anderen.

Boomputte stelt zijn bon-vivants voor in grafisch karikatuurachtige portretten van klein formaat. Verder ook in schilderijen van middelgroot en groot formaat, waarbij de opbouw van de figuur altijd de systematische wetten van voor- en achtergrond volgt, waarin spanning van desillusionerende lijnen, overgangen en overlappingen volgt.

In de actuele versie zijn de visuele elementen van zijn beeldspraak zo ver geformaliseerd dat de werken zich laten beschrijven en waarnemen in kleine groepjes en in ’t totaal als seriecomponenten. Dit wordt des te duidelijker in de tweedelige werken waarin de figuratieve delen van de ene helft van het doek vervangen worden door abstracte compositie in de andere helft. Daardoor blijken de bon-vivants aanschouwelijk levenslustige modellen waarvoor een toch toornige, lichtelijk overdreven constructiviteit als basis dient. Zelfs het nauwelijks merkbare filosofisch streng regiment van de compositorische begeerte, dat geluk ziet als resultaat van een werk op zich, voor de lusten en niet alleen voor de fetisch van vermeende maatschappelijke idealen van buitenaf dient als basis. In het werk van Jean-Marie Boomputte zou men alle bon-vivants, in de zin van een metafoor, kunnen verstaan als een décolleté van de constructivistische dimensie.

Het is de fijnzinnige helderheid van de felle en sierlijke vlakken waarin de donkere schilderkunst zich opent, zoals in een open plek. Het is de nadrukkelijke strengheid van consequent, eens flink de waarheid zeggen en zich matigen, dat zijn werk uitbalanceert tussen humor en ernst, het aanschouwelijke en abstracte. Dit om ons op het hart te drukken hoe veel verstand, rechtvaardigheidszin, standvastigheid, moed, vastberadenheid en echt genot werkelijk verlangt wordt van iedere man of vrouw.
Dr. Peter V. Brinkemper (vertaling Monique Duquet 060406)
 
Oeuvre
Atelier
Qui est-il ?
 
Exposition permanente



Lundi 14:00-18:00 (rendez-vous)
Mardi au Vendredi 12:00 - 18:00
Samedi 11:00 - 18:30
Dimanche 11:00 - 14:00

21, Rue Ernest Allard 1000 Bruxelles
Tél. 32 (0)2 512 98 59
www.contrast-gallery.com

La presse

« Waaruit bestaat het hoofdkenmerk, het wezen van de bon-vivant ? In de praktijk van het goede leven » suite